Vandaag in de serie ‘Boekentips voor…’ geef ik boekentips voor zorgmedewerkers! Alle boekentips die ik vandaag geef, zijn boekentips rondom psyche. Maar aangezien mijn ervaring is dat ook heel veel medewerkers die fysieke zorg leveren vaak best wat meer mogen weten over de psychische kwetsbaarheid van hun patiënten, geef ik deze boekentips voor alle zorgmedewerkers.
In de ruimte is het stil van Nicole Panteleakos. Als je een boek over autisme moet lezen, is het wat mij betreft dit boek. Het beschrijft namelijk op realistische wijze hoe het voelt om autistisch te zijn. Niet zo gek, want de auteur is zelf ook autistisch. Waarom zijn sommige prikkels de ene dag goed en de andere dag slecht? Waarom is zelfvertrouwen zo makkelijk af te breken en zo moeilijk op te bouwen bij mensen met ASS? Wat maakt dat iemand met ASS mensen wel kan vertrouwen, ook al zijn er heel veel nare ervaringen aan vooraf gegaan? En hoe kun je iemand met ASS laten groeien en bloeien? Op al deze vragen geeft In de ruimte is het stil (al dan niet indirect) een antwoord.
Waarom moeten zorgmedewerkers dit boek lezen: omdat het een realistisch inkijkje geeft in het hoofd van iemand met autisme. Van hoe prikkels werken, hoe communicatie over kan komen en waarom onze reactie niet altijd overeen komt met onze emoties. Hoe een meltdown opbouwt, hoe overvraging eruit ziet en waarom het zo lastig is om dat (op een goede manier) te uiten.
Vechten tot je een ons weegt (Allerliefste Vijand & Zwaartekracht) van Milou van der Horst. Naar aanleiding van haar eigen strijd tegen anorexia schreef Milou van der Horst boeken over hoe het is om te dealen met deze stoornis. Niet alleen de ziekenhuisopnames, maar ook de opname in de kliniek en de weg daarna. Hoe hou je je op school aan je eetlijst, en wat als je klasgenoten niet snappen wat jij hebt meegemaakt? Hoe vind je jezelf weer, als je al jarenlang bestaat uit (niet) eten? Wat pakt een eetstoornis allemaal van je af, en hoe kun je dat, stapje voor stapje, weer terugwinnen?
Waarom moeten zorgmedewerkers dit lezen: omdat het laat zien dat je zowel goed kunt doen (iemand in leven houden) als kwaad kunt doen (iemand traumatiseren) met dezelfde handeling. Veel zorgmedewerkers hebben last van dubbele cognitie: ‘ik bedoel het goed dus het kan niet schadelijk zijn’. Dit boek laat zien dat ook goede bedoelingen, goede intenties en ‘goede daden’ ook diepe sporen kunnen achterlaten. Daar mag in de zorg best wat meer aandacht voor zijn.
Adres Onbekend van Susin Nielsen. Felix en zijn moeder raken dakloos, en vooral thuisloos. Ze leven in een ‘geleend’ Volkswagen-campertje, en dat is best leuk voor een paar dagen, maar ontzettend onhandig als je naar school gaat en het langzaamaan winter wordt. En als je dan ook nog eens in Canada woont, dan is het wel heel koud en onhandig in dat busje. Toch probeert Felix zijn hachelijke thuissituatie verborgen te houden, want zijn moeder is bang dat de kinderbescherming Felix meeneemt als iemand erachter komt dat ze dak- en thuisloos zijn. Maar als het steeds slechter op school gaat en het ook daar gaat opvallen dat er ‘iets’ is met Felix, de ouders van vrienden er langzaamaan achter komen en Felix ook nog eens ziek wordt, dan moet er iets gebeuren. Maar wat?
Waarom moeten zorgmedewerkers dit boek lezen: omdat het niet alleen gaat over dak- en thuisloosheid, maar ook over loyaliteit van kinderen naar hun ouders, en hoe ver die kinderen daarin gaan. Dat vertellen over je situatie, eerlijk daarover vertellen, voelt als verraad, als iets wat niet mag, en wat je dus koste wat kost moet voorkomen. Ik hoop dat met het lezen van dit boek hulpverleners de kleine signalen die Felix wel laat zien, ook oppikken bij andere kinderen en jongeren.
Paaz van Myrthe van der Meer. Dit boek is geschreven op basis van eigen ervaringen van de auteur, die zelf dus ook opgenomen is geweest op de Paaz (Psychiatrische Afdeling van het Algemeen Ziekenhuis). Een opname zou je moeten stabiliseren, maar werkt soms juist nog meer ontregelend. En wat nou als je ervan overtuigd bent dat jij helemaal niet gek bent, maar dat er een fout is gemaakt? Is dat dan jouw ziekte, of is de rest gek? En waarom zijn er zo veel stomme regels waar je helemaal niet beter van wordt?
Waarom moeten zorgmedewerkers dit boek lezen: omdat het duidelijk beschrijft hoe krom de GGZ in elkaar kan zitten, en hoe frustrerend het kan zijn om binnen die kaders ‘beter’ te moeten worden. Omdat het laat zien hoe moeilijk ziekte-besef en ziekte-inzicht kan zijn, en waarom ‘hulp’ niet altijd helpend is.
Rood is ja van Sara Kroos. Dit is een moedig verhaal over een vrouw die ziek is en een therapeut die daar enorm misbruik van maakt. Het is een verhaal over de GGZ (en alle rare regels tussen de muren van de kliniek) en een eerlijk verhaal over therapie, medicatie, je mobiel in moeten leveren en een kleurplaat kleuren in plaats van werken. Het is een verhaal over hoe er misbruik gemaakt kan worden van vertrouwen, en over waar je als therapeut de mist in kan gaan.
Waarom moeten hulpverleners dit boek lezen: Kroos is in dit boek heel eerlijk over een aantal taboes en ongeschreven regels uit de GGZ. Daarnaast laat dit boek ook zien hoe een ‘conflict’ tussen patiënt en behandelaar gepoogd wordt om in de doofpot te stoppen. Het verklaart wat over het wantrouwen wat sommige patiënten (terecht of onterecht) naar (nieuwe) hulpverleners hebben: veel van ons vragen zich niet af of de hulpverlener de mist in gaat, maar wanneer. Al gaat het bij veel niet zo mis als bij Kroos (hoop ik), toch komt bijna niemand schadevrij uit de GGZ. Dat moet anders. Begin daarmee met het lezen van dit boek.
Lege kamers van Susanne Koster. Dit boek gaat over psychoses, en is daarom al een aanrader, want er zijn maar weinig boeken over psychoses die niet alleen de aanloop de psychose zelf, maar ook de behandeling en de weg uit de psychose omschrijven. Koster heeft voor dit boek gesproken met ervaringsdeskundigen en behandelaren, en dat maakt dat ze zowel de psychose als de behandeling realistisch kan beschrijven zonder dat het een non-fictie-boek wordt.
Waarom moeten zorgmedewerkers dit boek lezen: omdat je helemaal meegenomen wordt in de belevingswereld van Venita, waardoor wat zij meemaakt voor jou ook als levensecht voelt. Daardoor kun je beter begrijpen hoe verwarrend het is om zoiets mee te maken, en hoe verwarrend het is als anderen zeggen dat wat jij meemaakt niet echt is. Daarnaast beschrijft Koster ook hoe spannend het is om je leven weer op te pakken na een dergelijk traject, en ik denk dat dat ook iets is wat vaak onderschat wordt.
Best een aantal boeken hiervan heb ik al gelezen, maar er zitten ook nog wel wat tips voor me bij, waarvoor dank.
LikeLike
Graag gedaan! Welk boek heb je uitgekozen?
LikeLike
Zelf heb ik andere boeken… juist over kinderen (van voor 1980 toen nog niet veel herkend/erkend werd wat ass betreft.
Ook over anorexia heb ik een ander boek.
Deze ken ik niet, maar ga ik zeker lezen.
LikeGeliked door 1 persoon
Mag ik In de ruimte nog een keer aanbevelen? Dat speelt in 1986, maar wel heel mooi geschreven (en door een vrouw met autisme)
LikeLike
Mooi! Ik ga ze bekijken. Ik als mantelzorger sta altijd open voor nieuwe boeken. Ik verwerk ook veel in mijn blog, waar ik schrijf voor de mantelzorger. Ik ga je volgen!
LikeGeliked door 1 persoon
Welkom!
LikeLike
dank je wel
LikeLike