Beginnen met jeugdliteratuur lezen

Vandaag is voorlopig het laatste deel van de serie ‘beginnen met…’, en deze keer gaat het over jeugdliteratuur. Ik neem jullie mee langs diverse boeken uit de jeugdliteratuur. Een aantal moderne boeken en een paar oudere boeken. Maar allemaal hebben ze een paar dingen gemeen: mooi taalgebruik, bijzondere ideeën en/of concepten en een boeiend verhaal voor iedereen en in alle tijden. Uiteraard zijn de verhalen beïnvloed door de tijd waarin ze geschreven zijn, maar de kernboodschap blijft overeind staan.

Susin Nielsen. Susin Nielsen is een hedendaagse auteur wier boeken langzaamaan steeds meer bekendheid verwerven. En terecht, want haar boeken hebben altijd een diepere laag, zonder dat het er te dik bovenop ligt. Nielsen schrijft bovendien (meestal) over de buitenbeentjes, de mensen die niet tot het populaire clubje behoren, en vaak ook over mensen die, om wat voor reden dan ook, kwetsbaar zijn. En ja, die mensen zijn kinderen/jongeren, maar voor een volwassene zijn haar verhalen net zo boeiend. In Wij zijn allemaal moleculen beschrijft Nielsen de totstandkoming van een samengesteld gezin, gezien door de ogen van de twee tieners. In Wordnerd beschrijft ze de eenzaamheid die bij thuisonderwijs hoort, gezien door de ogen van een jongen van 11 jaar oud. In Optimisme is dodelijk staat het waarom van een angststoornis centraal, en Adres Onbekend verhaalt over dak- en thuisloosheid. Dit alles met een flinke dosis humor, doch serieus waar het nodig is, zonder ooit zwaar te worden.

Een groene bloem van Floortje Zwigtman. Een jongen die in elke tijd zou kunnen leven, maar de pech heeft om als homoseksueel in het Londen van Oscar Wilde te leven, vlak voor en tijdens het proces tegen de auteur. Het proces en de veroordeling van Wilde trekken een flinke wissel op dat wat Adrian als liefde ziet. Zijn manier van liefde is kennelijk ziek en verachtelijk, en het liefhebben van een andere man, fictief of niet, wordt gezien als strafbaar en slecht. Maar hoe kan iets waar twee mensen van genieten nu zo fout zijn? En wat zegt dat over Adrian zelf? Een meer dan vuistdikke coming of age-roman die je niet alleen aan het denken zet over jezelf, maar ook over de liefde (van welke kant die ook komt).

Koning van Katoren en Zoektocht in Katoren van Jan Terlouw. Dit zijn twee maatschappijkritische boeken van auteur en oud-politicus Jan Terlouw. Koning van Katoren verscheen in 1971 en Zoektocht in Katoren ruim 30 jaar later, in 2007. De boeken zijn los van elkaar te lezen, maar op volgorde is natuurlijk leuker 😉 . In Koning van Katoren leren we Stach kennen, die graag koning van het land Katoren wil worden. Om de ministerraad te overtuigen dat hij die taak waardig is, moet hij zeven opdrachten vervullen. In Zoektocht in Katoren maken we kennis met Kos, een geitenhoeder die, op zoek naar de ontvoerde zoon van een oude dame, het land Katoren in trekt. Er is veel veranderd sinds het eerste boek, maar Kos verwondert zich wel over heel veel dingen. Hij maakt vrienden, maar stelt ook vragen en komt, net als Stach, met ongebruikelijke oplossingen voor problemen waar anderen zich op blindgestaard hebben.

Kruistocht in Spijkerbroek van Thea Beckman. Dit is een klassieker, en als je je wil gaan verdiepen in de jeugdliteratuur is dit toch echt wel een van de boeken die je gelezen moet hebben. Het overgrote deel van het verhaal staat bijna 40 jaar na het verschijnen van dit boek nog steeds overeind (we kunnen een paar kritische kanttekeningen maken bij de tijdmachine waarmee Dolf naar 1212 geflitst wordt, en misschien ook onze wenkbrauwen optrekken bij de naam van de hoofdpersoon (de wellicht onbedoelde verwijzing naar Hitler zou waarschijnlijk tegenwoordig op meer verzet stuiten), maar de rest van dit verhaal staat als een huis. Dolf belandt per ongeluk in een Kinderkruistocht in 1212, en kan niet meer terug naar onze tijd. Hij sluit zich aan bij het kinderleger, en probeert zo veel mogelijk kinderen in Genua te krijgen, waar Nicolaas de zee zal splijten (net als Mozes) en de kinderen de barbaren uit het Heilige Land kunnen verjagen. Maar Dolf heeft ook veel vragen: waarom Genua? En wie zijn de twee monniken die deze groep kinderen begeleiden? En vooral: wie kan hij vertrouwen, in een tijd waarin hij de taal niet kent en de regels en de gewoonten niet begrijpt?

Kleine Sofie en Lange Wapper van Els Pelgrom. Kleine Sofie weet dat ze nooit groot zal worden. Ze is ziek, en zal binnenkort doodgaan. Je zou daarom denken dat dit een heel verdrietig boek is, maar het juist heel grappig, lief en bijzonder. De knuffels van Sofie besluiten namelijk dat ze Sofie nog zo veel mogelijk avonturen willen laten beleven, en voeren daarom een toneelstuk op met Sofie in de hoofdrol. Zo maakt Sofie nog heel veel mee, zowel vrolijke en grappige dingen als verdrietige en moeilijke dingen. Het boek gaat niet zo zeer over sterven, maar vooral over leven. Daarbij moet je dit boek ook lezen (of op zijn minst bekijken) omdat het laat zien hoe waardevol mooie illustraties in een boek kunnen zijn, ook als het een boek is voor oudere kinderen (10+). Daarbij vind ik het ook mooi dat dit boek niet gaat over de invulling die je geeft aan sterven of aan een hiernamaals, maar je aan het denken zet over de vraag wat leven eigenlijk is.

Hans Hagen. Hans Hagen is het meest bekend van zijn Jubelientje-serie, maar hij heeft ook (samen met zijn vrouw, Monique Hagen) een aantal dichtbundels geschreven speciaal voor kinderen (maar stiekem voor iedereen). Hagen staat bekend om zijn stilistisch prachtige en tegelijkertijd eenvoudige taalgebruik, waardoor veel van zijn boeken toegankelijk zijn voor een groot publiek. Daarnaast kenmerkt zijn stijl zich doordat de tekst, of het nou een gedicht is of niet, altijd een bepaald ritme heeft. Hierdoor lezen zijn boeken extra fijn, en zijn ze ook heel geschikt als voorleesboeken. Naast de dichtbundels en de Jubelientje-reeks, ben ik persoonlijk ook erg fan van de serie over Yarim, een jongen die in 4400 jaar geleden leefde en als slaaf wordt verkocht aan koningin Ku Bau. Een bijzonder verhaal, gebaseerd op echte archeologische vondsten.

Guus Kuijer. Niet alleen Annie M. G. Schmitt rebelleerde tegen de tot dan toe nogal brave kinderboeken waarin bepaalde onderwerpen vermeden werden, ook Guus Kuijer hield en houdt ervan om in zijn kinderboeken taboes te doorbreken. Zijn bekendste boeken zijn die over Madelief en over Polleke. Voor beide series heeft Kuijer ook diverse prijzen in ontvangst mogen nemen. De boeken van Polleke gaan over de multiculturele samenleving, gezien door de ogen van een meisje, Polleke. Zij snapt wel en niet waarom ze niet samen mag zijn met haar vriendje Mimoen, en dat botst nog wel eens. Niet alleen in het dagelijks leven, maar ook in haar hoofd. Madelief is een meisje dat van een dorp naar de grote stad verhuist en daardoor opeens geen vriendjes meer om zich heen heeft. Een overkoepelend thema in de boeken over Madelief is eenzaamheid zonder alleen te zijn. Een ingewikkeld thema voor kinderen, maar wel heel belangrijk om bespreekbaar te maken – en niet alleen voor kinderen.

Deze blogpost is onderdeel van een serie, waarin ik de ‘instappers’ van verschillende genres bespreekHet eerste deel (over fantasy) vind je hier, het deel over detectives vind je hier, het deel over thrillers vind je hier en het deel over historische romans vind je hier.

4 gedachtes over “Beginnen met jeugdliteratuur lezen

  1. Naomi zegt:

    Oké, zal ik iets bekennen? Ik heb ‘Kruistocht in spijkerbroek’ nooit gelezen. Ik kan niet goed uitleggen wat me tegenstaat, maar iets houd me tegen om dit boek te lezen. Maar eh, toch een kans geven dus?

    Like

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s

Deze site gebruikt Akismet om spam te bestrijden. Ontdek hoe de data van je reactie verwerkt wordt.